--------------------------------------------------------------------------- EXAMEN H263 MOTOREN 19 APRIL 2000 van 8.30 u tot 11.30 u. --------------------------------------------------------------------------- Beantwoord elke vraag op een afzonderlijk blad papier met naam, nummer en richting. Gebruik maximaal slechts 1 blad / 2 bladzijden per antwoord. 1. Geef de vier voornaamste verliesposten op het totale rendement van een benzine-motor. 2. Licht toe: de balancering van 4-takt 4-cylinder benzinemotoren. 3. Bespreek hoe de openingsintervallen van in- en uitlaatklep zouden moeten varieren met het toerental voor een benzinemotor. 4. Geef en onderbouw representatieve waarden van de maximale, theoretische, geindicieerde en effectieve gemiddelde druk van een benzinemotor met r_v = 10, phi = 1,15 en N = 6000 RPM. --------------------------------------------------------------------------- AANVULLINGEN van 8.30 u tot 13.00 u. --------------------------------------------------------------------------- 4. Situeer de moderne injectiemethoden voor dieselmotoren (met nodige detail omtrent de verstuiving). 5. Geef en onderbouw de kenlijnen van een hydraulische koppelomvormer. 6. Hoe realiseert ge de versnelling van een vliegtuig dat wordt aangedreven door een schroefpropeller. Verklaar waarom. --------------------------------------------------------------------------- VERDERE VRAGEN --------------------------------------------------------------------------- Een 4-cylinder motor (2.0 liter) heeft een kompressieverhouding van 12/1. Het maximum koppel ligt bij 5000 toeren/min en is 200 Nm, terwijl het maximum vermogen ligt bij 6750 toeren/min en bij 155 Nm koppel. Bij maximum koppel is het brandstofverbruik 10 gram/sec @ 44200 kJ/kg stookwaarde. a) Bereken bij maximum koppel: antwoord: - de effektief gemiddelde druk (bmep) ......... bar - het specifiek brandstofverbruik ......... kg/kWh - het vermogen en vergelijk met het maximum vermogen. ...... / ..... kW - het rendement bij maximum koppel en ......./ ...... % vergelijk met het Otto-rendement. b) Is dit een comfortabele motor voor alledaags gebruik ? Ja of neen, waarom ? --------------------------------------------------------------------------- De ontwerper van een benzinemotor moet nadenken over hoe de lucht/brandstof- massaverhouding zal worden afgesteld. Hij sluit een compromis tussen: --------------------------------------------------------------------------- 1. Geef de technieken waarmee het koppel in een 1000 RPM toerentalvenster rond 2500 RPM kan worden opgetrokken. 2. Geef de beschouwingen rondom de kruk-drijfstang lengte-verhouding. 3. Geef de overwegingen ter bepaling van de lucht/brandstof mengverhouding bij een benzinemotor. 4. Bereken de effectieve vermogendichtheid (PJ/liter) van een benzinemotor met een compressieverhouding van 10 en bij een toerental van 2500 RPM. 5. Bespreek het veschil tussen een hydraulische koppeling en een visco-koppeling: algemene gebruikseigenschappen, en slipkarakteristiek. 6. Het rendement van een turbofan motor kan men inschatten aan de hand van de grootte van de machine. Verklaar (zo volledig mogelijk). 1. Leid af hoe de gemiddelde druk en het thermisch rendement van een OTTO cyclus varieren met de maximale druk in de cyclus. Bespreek. 2. Wat soort balansas is nodig voor de equilibratie van inertietrillingen in viertakt 5-cylinder motoren. 3. Bespreek de configuratie van een moderne inlaatleiding van een benzinemotor. 4. Waarom wenselijk MAAR moeilijk: een grote luchtovermaat in benzinemotoren? ---------------------------------------------------------------------------